Koos heeft zin in Koningsdag

Terug

U bent hier

Koos heeft zin in Koningsdag

Koos denkt aan Koningsdag. Op die dag is de koning jarig en viert het hele land feest. Iedereen maakt dan muziek, en zingt en danst voor zijn verjaardag. Overal aan gebouwen hangt de vlag uit en dragen mensen feestkleren.
Koos heeft dan meestal een gouden feestmuts op, Bas draagt een cape van de vlag en Karlijn een oranje jurk met glitters. Ook op het vakantiepark wordt koningsdag gevierd; met sport en spel. Koos vindt Koningsdag leuk, hij houdt van sport en spel.
Vinden jullie koningsdag ook leuk, jongens en meisjes?

Koos ligt onderuit in zijn zitzak, op zijn slaapkamer. Hij ligt wat te dagdromen over hoe het zou zijn als hij koning was…
‘Als ik koning zou zijn,’ denkt Koos, ‘dan krijg ik niet alleen op mijn verjaardag feestelijk eten, maar elke dag.’ Koos houdt van eten, hij is een echte lekkerbek. ‘
Als ik koning was, dan zou ik de belangrijkste man van het land zijn,’ droomt Koos verder. ‘Dan zit ik op een gouden troon, dan draag ik een gouden kroon op mijn hoofd, en dan rijd ik met een gouden koets door heel het land.

Koning koos

Natuurlijk gaat de koningin ook mee. Zij draagt de mooiste jurken en dure gouden sieraden.’ Koos droomt alsmaar meer. ‘Overal waar ik als koning kom, krijg ik mooie cadeaus. De mensen leggen een rode loper voor me uit en daar loop ik dan deftig overheen met de koningin aan mijn arm. Als koning mag ik ook overal vooraan zitten, zodat ik alles heel goed kan zien.’
Jullie zouden vast en zeker ook wel koning of koningin willen zijn hè, jongens en meisjes?

Als koning open je ook nieuwe gebouwen, weet Koos. ‘Meestal moet je dan een satijnen lint doorknippen. Maar ik zou als koning het liefst een nieuw schip dopen. Weet je waarom? Dan mag je een fles bubbelwijn stuk gooien tegen de boeg van het schip en roepen: ‘Behouden vaart!’ Koos kan niet stoppen met dagdromen.
'Als koning woon ik met de koningin in een schitterend paleis en samen hebben we twee lieve prinsjes en twee lieve prinsesjes. Elke dag eten we aan een lange tafel van gouden borden en drinken we bubbelwijn uit gouden bekers. En elke dag mogen we om de beurt kiezen wat we willen eten. Natuurlijk eten we alleen wat we lekker vinden. Er is een kok die voor ons kookt en een lakei die het eten opdient. Ook voor opruimen, poetsen, wassen en boodschappen doen hebben we bediendes. Zelf hoeven we niks te doen, we doen alleen waar we zin in hebben: paardrijden, zwemmen, skiën, muziek maken, gamen.’

Nou eh…, daar heeft Koos het mis hè, jongens en meisjes?
De koning en koningin moeten natuurlijk ook gewoon werken. Ze moeten goed voor het land en de mensen zorgen. En de prinsjes en prinsesjes moeten naar school, net als alle andere kinderen. Want als ze niet leren, dan kunnen ze later geen koning of koningin worden hè!?’

Opeens voelt Koos een kriebel in zijn neus en prikt er een zonnestraal in zijn ogen. Koos moet niezen. Hatsjiiieee! Hij schrikt wakker en zijn droom is weg, in één keer foetsie.
Koos is géén koning van het land, maar gewoon weer Koos Konijn van Roompot Vakantieparken. En eigenlijk is dat toch ook best een mooie titel, nietwaar jongens en meisjes?

Dan ineens ziet Koos door zijn slaapkamerraam een regenboog verschijnen in de lucht. Een hele hoge regenboog met allemaal mooie kleuren. Koos kent een ezelsbruggetje, dat helpt om de kleuren van de regenboog te onthouden.

Kennen jullie ook dat ezelsbruggetje, jongens en meisjes? Nee? Nou luister goed dan, ik noem de kleuren en wijs ze aan:

  • Rood
  • Orangje
  • Geel
  • Groen
  • Blauw
  • Indigo
  • Violet
Regenboog

Van elke kleur neem je de eerste letter, je schrijft al die letters achter elkaar en samen vormen ze dan het woord Roggbiv. Hm, best een beetje gek woord hè? Het lijkt wel een toverwoord…

Koos loopt naar zijn slaapkamerraam om de regenboog beter te bekijken. Wauw, wat ziet hij daar nou? Hij ziet niet alleen het begin van de regenboog, maar ook het einde! En dat gebeurt bijna nooit, dat is echt héél zeldzaam! Wisten jullie dat, jongens en meisjes?
Het is zó zeldzaam, dat je een wens mag doen. Koos wordt helemaal warm van binnen. ‘Dan wens ik dat ik koning wordt, Koning Koos de Eerste.’
Hij wil het meteen aan Bas en Karlijn vertellen en aan al zijn vriendjes en vriendinnetjes van het vakantiepark. Maar helaas, dat mag niet, want als je een wens hardop uitspreekt, dan komt hij niet meer uit!
Dus zegt Koos niets, tegen niemand. Hij houdt de wens voor zichzelf, als een stil geheim. En wie weet, wordt hij ooit toch nog eens Koning Koos de Eerste…

Tekst: Marjan de Kort- Méér dan Woorden

Download pdf